Meest gestelde vragen

Het lijkt erop dat het jaarlijkse griepvaccin slechts zeer geringe bescherming biedt tegen Nieuwe Influenza A (H1N1). Dit is een voor de mens nieuw virus waartegen nog geen beschermend vaccin bestond.
Daarom was het nodig om een vaccin te ontwikkelen speciaal tegen het virus Nieuwe Influenza A (H1N1) en dat is het verschil.

Het vaccin voor de huidige pandemie is nog in ontwikkeling. Daarom weten we dit nog niet precies. Wel is de effectiviteit van het vaccin tegen het verwante griepvirus bekend. Dit vaccin biedt na 1 vaccinatie bescherming bij 40% van de mensen en bij meer dan 70% na 2 vaccinaties. Het is te verwachten dat het nieuwe griepvaccin net zo effectief zal zijn. Onderzoeksresultaten van de effectiviteit van het nieuwe vaccin zullen worden gerapporteerd voordat het vaccin wordt ingezet.

Er zijn nog niet voldoende gegevens bekend over de combinatie van het vaccin tegen Nieuwe Influenza A (H1N1) en de jaarlijkse griepprik. Daarom worden de vaccins vooralsnog niet tegelijk gegeven, maar afzonderlijk. Mensen die zowel in aanmerking komen voor het vaccin tegen Nieuwe Influenza als de griepprik moeten (voor zover we nu weten) 3 keer geprikt worden: 2 keer voor Nieuwe Influenza A (H1N1), 1 keer voor de seizoensgriepprik.

Het lijkt erop dat het jaarlijkse griepvaccin slechts zeer geringe bescherming biedt tegen Nieuwe Influenza A (H1N1).

Op dit moment is de afspraak dat gezonde mensen geen vaccin tegen Nieuwe Influenza A krijgen en mensen uit medische risicogroepen in elk geval wel. Dit besluit is genomen, omdat de Nieuwe Influenza A tot nu toe mild verloopt: de ziekteverschijnselen lijken veel op die van gewone griep. Het risico op complicaties bij gezonde mensen lijkt dus beperkt. Daarnaast weten we nog niet veel over de (eventuele) bijwerkingen van de vaccins, ook al verwachten deskundigen dat die niet ernstig zullen zijn. Het kabinet zal nog besluiten of ook andere mensen het vaccin kunnen krijgen.
De deskundigen bevelen vaccinatie aan van de volgende (risico-)groepen:

  • Personen met een medisch risico conform de indicatie voor de jaarlijkse seizoensgriepvaccinatie, en alle gezonde 60-plussers.
  • Zwangere vrouwen uit een medische risicogroep, maar dan alleen tijdens het tweede en derde trimester van de zwangerschap. Voor zwangere vrouwen die niet tot een medische risicogroep horen bevelen de deskundigen geen vaccinatie aan.
  • Gezondheidszorgpersoneel met mogelijk direct contact met patiënten uit de eerder gedefinieerde medische risicogroepen.
  • Gezinsleden en mantelzorgers van mensen met een zeer hoog risico op ernstige ziekte en sterfte door griep.

 

Er wordt een vaccin tegen Nieuwe Influenza A gemaakt. De farmaceutische industrie ontwikkelt een vaccin dat mensen kan beschermen tegen Nieuwe Influenza A. Het ministerie verwacht eind oktober zes tot tien miljoen doses vaccin te ontvangen. De rest volgt in de maanden daarna.

Het overheidsbeleid is dat de bedrijfsartsen geen virusremmers voorschrijven. Er zijn echter bepaalde situaties en voorwaarden waarbij het wel voorgeschreven kan worden. Neem hiervoor contact op met uw bedrijfsarts.

Virusremmers zijn medicijnen (antivirale middelen) die de vermeerdering van het virus in het lichaam sterk afremmen. Deze medicijnen zorgen ervoor dat mensen met een griep korter ziek zijn, minder complicaties krijgen en minder besmettelijk zijn voor anderen. In Nederland zijn verschillende virusremmers op de markt die werkzaam zijn tegen het griepvirus.
Dit zijn oseltamivir (productnaam:Tamiflu) en zanamivir (productnaam: Relenza).

De bovenstaande hygiënemaatregelen hanteren. Wij kunnen uw medewerkers voorlichting geven over de Nieuwe Influenza A, en over de maatregelen die zij zelf kunnen nemen om besmetting zoveel mogelijk te voorkomen. Ook krijgen zij dan natuurlijk uitgebreid advies over wat te doen als de eerste griepverschijnselen zich aandienen.

Hygiënemaatregelen
Griep verspreidt zich voornamelijk via hoesten, niezen en de handen. Hieronder vindt u een aantal eenvoudige maatregelen om besmetting te voorkomen.
Was de handen vaak met zeep en droog ze af met een schone handdoek. Gebruik wegwerphanddoekjes. Deze zijn immers virusvrij.
Voorkom aanraken van ogen, neus en mond.
Bij hoesten en niezen: niet in de hand, maar in een tissue. Geen papieren zakdoek bij de hand? Nies of hoest in de mouw.
Maak aanvullende afspraken met uw schoonmaakbedrijf. Laat de schoonmaker vooral voorwerpen schoonmaken, die vaak aangeraakt worden door verschillende personen. Denk hierbij aan lift- en deurknoppen, bureaus en telefoons.

(Extra) ventileren
Van belang is om verblijfruimten goed te ventileren, ook in de winter. Dit kost meer energie maar verkleint de kans op besmetting. Als er geen mechanische ventilatie aanwezig is, zet geregeld ramen en deuren open.

Het dragen van een neus-/mondmasker is in werksituaties zoals een kantooromgeving niet nodig. Is er geregeld contact met onbekenden, dan kan een eenvoudig mondmasker (zoals chirurgen dit dragen) voldoende zijn. Zorg in ieder geval dat iedereen weet hoe deze maskers moeten worden gebruikt (bijvoorbeeld eenmalig gebruik en wegwerpen). Koop geen duurdere maskers, tenzij uw arbodienst dit nadrukkelijk adviseert. Mondmaskers zijn overigens vaak oncomfortabel om langere tijd te dragen.

Degene die een patiënt verzorgt, kan een masker dragen.

Gooi na afloop van het contact het masker weg en was goed de handen. Als men ziek is, kan een masker worden gedragen als er anderen in de buurt zijn.

Griepvirussen zitten in druppeltjes snot, slijm en speeksel. Door praten, hoesten of niezen worden de virussen verspreid. Dit gebeurt vooral in ruimten waar mensen dicht bij elkaar zitten en waar slecht geventileerd wordt, bijvoorbeeld in een trein of bus, een school of kinderdagverblijf. Ook worden virussen overgedragen via handen en voorwerpen, zoals een deurknop of via het schudden van handen. Als iemand bijvoorbeeld na het vastpakken van de deurknop, zijn mond, neus of ogen aanraakt, kan hij besmet worden.

Het lijkt erop dat mensen met een hoog risico op de jaarlijkse griep (zoals ouderen, mensen met hart- en longaandoeningen, nierziekten of diabetes) ook een verhoogd risico hebben op een ernstige vorm van Nieuwe Influenza A (H1N1). Mogelijk lopen ook vrouwen in de laatste 3 maanden van hun zwangerschap, kinderen jonger dan 2 jaar en mensen met immuunstoornissen een verhoogd risico op complicaties.

Je weet pas zeker dat iemand Nieuwe Influenza A (H1N1) heeft als laboratoriumonderzoek dit heeft bevestigd. Dit onderzoek wordt in ieder geval uitgevoerd bij mensen die met vermoeden op Nieuwe Influenza A (H1N1) opgenomen worden in het ziekenhuis en bij zwangere vrouwen in de laatste drie maanden van de zwangerschap met een vermoeden op Nieuwe Influenza A (H1N1). Bij andere mogelijk besmette personen zal de behandelend arts bepalen of laboratoriumonderzoek nodig is.

Nieuwe Influenza A (H1N1) is een griep die veroorzaakt wordt door een geheel nieuw griepvirus dat anders is dan al bekende menselijke griepvirussen. Het virus van Nieuwe Influenza A (H1N1) bevat delen van varkens-, vogel- en menselijke griepvirussen. Nieuwe Influenza A (H1N1) is niet rechtstreeks van varkens afkomstig. Het virus is wel in staat om zeer snel van mens op mens te verspreiden.

Zwangere vrouwen lopen geen groter risico op het krijgen van de Nieuwe Influenza A (H1N1). Als een zwangere vrouw deze ziekte krijgt, dan is de kans op complicaties groter en is afstemming met de huisarts nodig of virusremmers noodzakelijk zijn. Het ongeboren kind loopt geen risico, de afweerstoffen van de moeder beschermen het ongeboren kind. Het bepalen van de volgorde van inenting, is een zaak van de overheid zodra met de vaccinatie in het najaar zal worden begonnen.

De verschijnselen van Nieuwe Influenza A (H1N1) lijken op gewone griep. Bij mensen is griep een snel optredende ziekte van de luchtwegen die veroorzaakt wordt door het influenzavirus. De ziekte kan van mild tot ernstig verlopen.
 
De meest voorkomende symptomen van griep zijn: koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn, moeheid en een droge hoest. Het hoesten kan lang aanhouden, de overige klachten verdwijnen meestal na 2 tot 7 dagen. Er kan een longontsteking optreden met ernstige ademhalingsproblemen. Door griep kunnen al bestaande ziekten verergeren of ontregeld raken. Bij de zieken in de Verenigde Staten, Mexico, Groot-Brittannië, Argentinië, Australië, Canada en nu ook in ons eigen land lijkt Nieuwe Influenza A (H1N1) niet anders of ernstiger dan gewone griep.

Dit is afhankelijk van de hoeveelheid die is opgebracht op oppervlakten zoals deurknoppen, toetsenborden, telefoons, etc. en afhankelijk van de temperatuur en de luchtvochtigheid. Na hoesten en niezen zit er een hoeveelheid virus in de lucht als kleine druppeltjes die direct bij inademen tot infectie kunnen leiden. Het overgrote deel daarvan daalt echter vrij snel neer op oppervlakten (minuten tot uren) en is dan enige tijd infectieus.

Een incubatietijd is de periode tussen het binnenkrijgen van een griepvirus tot aan het moment van de eerste ziekteverschijnselen. Bij de griep is dat gemiddeld 1 tot 7 dagen na het binnenkrijgen van het virus.

Griep is besmettelijk vanaf 1 dag vóór tot 5 of 6 dagen ná het begin van de ziekteverschijnselen. Het is bekend dat niet iedereen ziek wordt na een besmetting, sommige mensen zijn wel met het virus geïnfecteerd en zijn besmettelijk, zonder ziek te worden of zijn geweest.

Omdat de verspreiding van het griepvirus gaat via praten, hoesten of niezen, kan een ieder zich beschermen door niet te dicht in de buurt te komen van patiënten met griepachtige verschijnselen. Daarnaast kunnen de volgende maatregelen worden getroffen:

  • Gebruik papieren zakdoeken of tissues bij hoesten, niezen of snuiten en gebruik ze eenmalig. Gooi ze daarna in de vuilnisbak.
  • Hebt u geen doekje direct beschikbaar, hoest/nies dan in uw mouw of desnoods in uw hand, maar was de handen dan meteen.
  • Raak zo min mogelijk uw mond, neus of ogen aan.
  • Was regelmatig uw handen met water en zeep.
  • Maak voorwerpen zoals deurklinken regelmatig schoon.
  • Ventileer alle ruimten (bedrijfsruimtes, woon- en slaapruimtes).
  • Letten op een goede gezondheid en weerstand: genoeg slapen, matig alcohol drinken, bewegen en gevarieerd eten (verse groenten, fruit).

Meer informatie: www.rivm.nl/cib/themas/griep-verkoudheid/.